Beheer voor méér en betere natuur

Het Nationaal Park is een groot en verscheiden gebied. Een thuis voor meer dan 9000 soorten planten en dieren. En toch kunnen velen een duwtje in de rug gebruiken. 

Bomen kappen voor beter bos

Schrik niet als je bomen gekapt ziet worden. Veel bossen in het Nationaal Park waren aangelegd voor o.a. de mijnindustrie. Het zijn eigenlijk eentonige plantages, niet zo interessant voor de natuur. Door gerichte kapwerken worden deze bossen gevarieerder, zodat er bijvoorbeeld meer vogels komen nestelen.

Daarnaast vormen sommige soorten, zoals de Amerikaanse vogelkers en Amerikaanse eik, een ware plaag voor de Hoge Kempen. Door het kappen van deze exoten worden inlandse bomen bevoordeeld. De aanwezigheid van zomereik, lijsterbes en berk brengt ook weer extra planten- en diersoorten terug in het bos.

De boswegen hebben vaak flink te lijden tijdens de kapwerken, vooral in nattere periodes. Niet aangenaam voor wandelaars, maar deze schade wordt na afloop van de werken steeds hersteld.

Dood hout brengt leven

Het eeuwige leven is ook niet aan bomen gegeven. Vroeg of laat sterft elke boom. Toch is een dode boom van onschatbare waarde voor het bos. Tal van dieren vinden er hun thuis, broedplek en voedsel. Ook paddenstoelen treffen we meestal aan op dood hout. Afgewaaide takken of dode bomen worden door de beheerder achtergelaten, daar waar ze thuis horen: in het bos.

Schaapjes tellen?

Kijk niet vreemd op als je tijdens een wandeling op de Mechelse Heide een kudde schapen ziet grazen. De herder en zijn hond zijn vlakbij. Schapen trekken rond en eten plekjes kaal. Daar komen nieuwe heide en andere planten. Anders krijg je veel bomen en hoog gras en dat is niet zo interessant voor veel soorten. De schapen hebben eten in overvloed, zelfs in de winter.

Help, het brandt?!

Heide gecontroleerd afbranden is een nuttige techniek om keverplagen te voorkomen en heide te verjongen. Het vroege voorjaar is de beste periode. Een trage brand maakt dat dieren kunnen vluchten en in de natte bodem blijven soorten leven. Brand is een natuurlijk proces in de natuur en maakt veel nieuw leven mogelijk. Een gecontroleerde brand duurt nooit langer dan 3u en de brandweer is ook aanwezig.

Let op: heide en bossen zijn erg brandgevoelig en een ongecontroleerde brand kan veel schade aanrichten. Extra voorzichtigheid in droge periodes is nodig!

Andere beheerwerken om de heide te verjongen gebeuren vooral in de winter, zoals maaien, chopperen of plaggen. Om te voorkomen dat de heide dichtgroeit, moet spontane boomopslag regelmatig teruggedrongen worden.

Grote grazers!

Om de afwisseling in het landschap en dus het aantal planten- en diersoorten in het Nationaal Park te vergroten, laten de beheerders zich helpen door door Noorse fjordenpaarden, konikpaarden, Angus runderen en zelfs ezels. Het zijn zelfredzame rassen die zonder veel hulp het hele jaar door in het gebied kunnen leven. Ze zien er gevaarlijk uit, maar wie enkele afspraken na komt, heeft niets te vrezen: daag de dieren niet uit, hou voldoende afstand en voeder ze niet. Honden zijn niet toegelaten op wandelingen in begrazingszones.

Wildbeheer

De uitgangspunten van jacht zijn het beheer van de wildpopulaties en het voorkomen van schade. In het Nationaal Park is deze beheerjacht voornamelijk toegespitst op het everzwijn en het ree. De jacht is aan strikte voorwaarden verbonden, zo mag in grote delen niet of enkel gedurende een korte periode gejaagd worden.